Ik ben/word nu/zal worden gered

Als het gaat om je redding, je behoud door Jezus, hoe kijk je daar dan tegenaan? Als een gebeurtenis die in het verleden ligt? Of zie je het als iets dat nog staat te gebeuren? (Het gaat me nu niet om de situatie van iemand die er onzeker over is of hij of zij wel gered is, of ooit gered zal worden.) Ik denk dat de meeste christenen hun redding zien als iets dat al heeft plaatsgevonden. En het is ook niet verkeerd om dat zo te zeggen. Alleen vraag ik me wel af hoeveel christenen er zich bewust van zijn dat ze ook in de toekomst nog gered moeten worden.

De Bijbel spreekt namelijk op drie manieren over ons redding (of: behoud, of zaligheid).

  1. Wij zijn gered (Ef. 2:8); het gaat dan om onze rechtvaardiging, denk bijv. aan Rom. 5:1.
  2. Wij worden nu gered (in het Engels: are being saved) (1 Kor. 1:18); het gaat hier om een proces, namelijk onze heiliging.
  3. Wij zullen worden gered (Hand. 15:11); dit betreft onze verheerlijking.

Ik denk dat het goed is om deze dingen te onderscheiden. Bij punt 1 kijken we met dankbaarheid terug. Tegelijk is God nu met ons bezig. Hij is ons aan het heiligen, Hij maakt ons rein en vernieuwt ons van dag tot dag (2 Kor. 4:16). En in de toekomst hoeven we niet te vrezen voor Gods oordeel. Hij gaat ons helemaal volmaakt maken en we zullen volmaakt gelukkig zijn, voor eeuwig.

Advertenties