Vandaag, 3 januari, zou mijn moeder, Jannie Koelewijn, 55 zijn geworden, als ze nog leefde. Eind deze maand is het vijf jaar geleden dat ze overleed aan kanker. Ze was dus net 50 jaar toen ze kwam te overlijden.
De periode die voorafging aan haar overlijden was donker, maar tegelijk scheen er een stralend licht van geloof in de donkerte van haar ziekte. God heeft haar namelijk in november 2003, drie maanden voor haar overlijden, willen gebruiken om voor de lokale radio in Spakenburg te getuigen van zijn grootheid en liefde. Het bijzondere was dat ze de periode daarvoor, in september, heel erg ziek was, maar in oktober opknapte, waardoor ze in november fit genoeg was om 2 uur lang voor de radio een interview af te leggen. Toen dat was geweest werd ze weer ziek. Ik zie daar duidelijk Gods hand in: Hij zorgde ervoor dat ze sterk genoeg was om te kunnen getuigen. Als ik terugdenk aan mijn moeder dan ben ik geweldig dankbaar voor wat God ons gezin in haar allemaal heeft gegeven, voor mij persoonlijk vooral in mijn kindertijd en mijn jeugd. Maar dat God haar zo heeft willen gebruiken, dat vergeet ik nooit meer.
Ik schreef net dat ze 55 zou zijn geworden, maar het is misschien beter te zeggen dat ze 55 geworden is. Jezus zei in Johannes 11:25-26 tegen Marta: ‘Ik ben de opstanding en het leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven, en een ieder, die leeft en in Mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven’. En Paulus schreef in Filippenzen 1:23: ‘ik verlang heen te gaan en met Christus te zijn’. Mijn moeder leeft dus en is ‘met Christus’. Nu weet ik niet of het tijdsbesef in de hemel hetzelfde is als hier op aarde, maar tijdsbesef is er zeker (zie bijv. Openbaring 6:10 en 8:1). Maar ze is voor mijn begrip vandaag dus 55 jaar geworden en al bijna vijf jaar met Christus. En daarmee is ze zeker te feliciteren!