Verwarring over de wet

5 mei 2008 - No Responses

In het verleden heb ik er zelf ook wel mee geworsteld: ‘Wat moeten wij, christenen die leven van genade, nog met de wet? Waarom lezen we elke zondagmorgen de tien geboden? Kan ik Psalm 119 wel zingen?’ Deze en soortgelijke vragen leven bij veel mensen. Op diverse discussie-fora wordt er gediscussieerd over de wet en de genade en hoe deze twee zich tot elkaar verhouden (zie bijv. de discussie ‘Wet en genade‘ op forum.gkv.nl).

Afgelopen week vond ik op desiringGod.org een preek van John Piper met de titel Why the Law Was Given (Waarom de wet werd gegeven). Hij gaat in op de verwarring die we kunnen ervaren als we enerzijds lezen: ‘Gij zijt niet onder de wet, maar onder de genade’ (Romeinen 6:14) en anderzijds: ‘Stellen wij dan door het geloof de wet buiten werking? Volstrekt niet; veeleer bevestigen wij de wet’ (Romeinen 3:31).

Ik vind deze preek zo verhelderend dat ik er een vertaling van heb gemaakt. Je kunt hem hier als PDF downloaden.

God Zelf is doel van Zijn schepping

22 april 2008 - No Responses

Ook vandaag weer een prachtig artikel in het Reformatorisch Dagblad over Jonathan Edwards en zijn theologie waar ik graag op wil wijzen. Het betreft een samenvatting van een lezing die ds. M. Klaassen, hervormd predikant te Hedel en bestuurslid van de George Whitefield Stichting (GWS), afgelopen zaterdag hield op een studiedag van de GWS. (Op de website van het GWS is de volledige tekst te lezen).

Het artikel geeft kort en bondig precies de kern van weer van wat John Piper - ‘leerling’ van Edwards - mij weer geleerd heeft: God is het doel van alles. Het draait om Hem en niet om mij. Als je dat goed tot je door laat dringen, dan leer je dat juist dát echte vreugde geeft. Waarom? Lees het artikel maar.

Hem nu die machtig is u te bewaren zonder dat u struikelt en u onberispelijk voor zijn heerlijkheid te stellen met vreugdegejuich, de enige God onze Heiland, door Jezus Christus onze Heer, zij heerlijkheid, majesteit, kracht en macht, vóór alle eeuwen, en nu, en tot in alle eeuwigheid! Amen.
Judas 1:24-25 Telos

Leren van Jonathan Edwards

21 april 2008 - No Responses

In het Reformatorisch Dagblad van vandaag staat een verslag van een themadag van de George Whitefieldstichting afgelopen zaterdag. Voorzitter Jeroen Bol sprak daar over Jonathan Edwards ‘die door velen wordt gezien als de belangrijkste en grootste theoloog en filosoof die Amerika heeft voortgebracht.’

Ik moet bekennen dat ik zelf alleen nog maar slechts wat fragmenten van Edwards heb gelezen. Wel heb ik veel van een ‘leerling’ van hem, John Piper, gelezen. En wat ik van hem leer vind ik geweldig. Het verslag in het RD geeft een aantal typeringen van Jonathan Edwards die ik ook duidelijk bij Piper herken:

‘Juist de degelijke variant van de Angelsaksische evangelicale theologie wordt vaak gekenmerkt door een weldadige combinatie van gedegen Bijbelgetrouwe theologiebeoefening en fraaie tonen van een doorleefd persoonlijk geloof. Bij Edwards waren geloofsbeleving en verstand in evenwicht.’

‘Edwards (had) een radicale gerichtheid op God (…) Het ging hem in alles om de glorie van God. God doet alles ter ere van Zichzelf en maakt anderen gelukkig. Gods kinderen mogen zich verheugen in God. Ze geven God terug wat ze gekregen hebben. Het is net als met een diamant die schittert in de zon en de stralen terugkaatst. Alles is van God, in God en tot God, stelde Edwards.’

Mede door John Piper, en indirect dus ook door Jonathan Edwards, ben ik gaan inzien hoe belangrijk het is dat God centraal staat in je leven en dat je in alles gericht bent op Hem. Alles draait om Hem. De titel van mijn weblog is dan ook niet voor niets ‘Leven tot eer van God’.

Worden wie je bent

20 april 2008 - No Responses

Zuivert het oude zuurdeeg uit, opdat u een nieuw deeg bent; u bent immers ongezuurd. Want ook ons pascha, Christus, is geslacht.
1 Korintiërs 5:7

Misschien ken je wel die tekst uit de Bijbel waar God zegt: ‘Weest heilig, want Ik ben heilig’ (1 Petrus 1:16). De bedoeling daarvan is: Leef op een manier die past bij God. God is heilig, dus leef zelf ook heilig. Maar het wonderlijke van de tekst uit 1 Korintiërs 5:7 is dat Paulus daar eigenlijk zegt: ‘Wees heilig, want jullie zijn heilig!’

Zuurdeeg is hier een beeld van iemand die in de gemeente in zonde leeft. In vers 5 zegt Paulus: ‘Weet u niet, dat een beetje zuurdeeg het hele deeg doorzuurt?’ Zonde in de gemeente is dus besmettelijk. En in vers 8 heeft hij het over ‘zuurdeeg van slechtheid en boosheid’. Dat moeten we dus wegdoen. De gemeente moet heilig zijn.

Nu gebruikt Paulus bijzondere logica om dit duidelijk te maken. Hij zegt namelijk dat de gemeente ongezuurd is. Ja maar … als dat zo is, dan hoeft er toch niets verwijderd te worden? Of andersom: Als er zonde is, hoe kan Paulus de gemeente dan ongezuurd noemen? Of als je het op jezelf betrekt: ben jij, als christen, nu heilig of niet?

Het mooie en bijzondere is dat God de gemeente, en jou ook als je gelooft, in Christus ziet als ongezuurd, ook al ben je dat niet. God rekent namelijk niet met wat wij van onszelf zijn en met hoe wij leven, maar met wie wij in Christus zijn en met wat Hij deed. Als je gelooft mag je weten dat Christus’ volmaaktheid op jouw rekening is overgeboekt en dat jouw zonde op zijn rekening is overgeboekt (2 Korintiërs 5:21). Op jouw rekening staat nu ruim voldoende saldo, zonder dat je daar ook maar iets voor hebt gedaan. Dat heeft Christus namelijk voor jou verdiend. En met jouw zonde is afgerekend aan het kruis op Golgotha. Daar heeft Hij voor jou betaald. En daar rekent God mee. Dat is beslissend. Dus ja, in Gods ogen zijn wij heiligen.

Maar niet omdat wij zo goed zijn. Kijken we naar onszelf dan zijn we helemaal niet zo heilig. Want intussen leven wij niet volmaakt. We maken fouten en struikelen. Als we een zonde hebben mogen overwinnen, dan ontdekken we weer meer vuiligheid in ons. We moeten oorlog voeren tegen de zonde die in ons woont (Romeinen 7:20, Romeinen 8:13). Er is sprake van een strijd tussen ‘vlees en geest’ in ons (Galaten 5:17). We worden opgeroepen om het oude zuurdeeg te verwijderen. Dat is meestal pijnlijk. Het gaat er soms heftig aan toe, soms winnen we, soms verliezen we terrein, soms vallen we, maar beslissend is of we weer opstaan en blijven vechten. Want de overwinning staat vast. De beslissende slag is door Christus gewonnen!

Door de blik gericht te houden op Christus, en te kijken naar wat Hij gedaan heeft en naar wie Hij voor ons is, worden we veranderd naar zijn beeld (2 Korintiërs 3:18, Hebreeën 12:2). Zo word je, wie je - in Christus - bent.

Zo ook u, rekent het ervoor ten opzichte van de zonde dood te zijn, maar voor God levend in Christus Jezus.
wij (…) weten, dat onze oude mens met Hem gekruisigd is (…)
Romeinen 6:11 en 6

Laat dan de zonde niet regeren in uw sterfelijk lichaam om aan zijn begeerten te gehoorzamen.
Want de zonde zal over u niet heersen;
Romeinen 6:12 en 14

(…) stelt nu zo uw leden in slavernij van de gerechtigheid (…)
En vrijgemaakt van de zonde bent u slaven van de gerechtigheid geworden.
Romeinen 6:19 en 18

(…) doet de Heer Jezus Christus aan (…)
Want u allen die tot Christus bent gedoopt, hebt Christus aangedaan.
Galaten 3:27 en Romeinen 13:14a

(…) wijdt geen zorg aan het vlees om aan begeerten te voldoen.
Maar zij die van Christus Jezus zijn, hebben het vlees met de hartstochten en de begeerten gekruisigd.
Romeinen 13:14b en Galaten 5:24

Aangehaalde teksten geciteerd uit de Telos NT vertaling

In twee jaar de Bijbel door

2 april 2008 - No Responses

bijbelpaginaIn mijn woonplaats Zeewolde is er bij iedereen een Bijbel-leesrooster door de deur gevallen. In de plaatselijke kerken is dat rooster in de vorm van een mooi boekje uitgedeeld. Als je het rooster trouw elke dag volgt, dan heb je na 2 jaar de hele Bijbel gelezen! Het rooster loopt van 1 april 2008 tot 31 maart 2010. Er is in verband hiermee ook een website gestart, kijk maar eens op www.zeewoldeleestdebijbel.nl. Daar kun je ook het rooster downloaden.

Ik ben erg blij met dit initiatief. De Bijbel is dagelijks voedsel is voor je geestelijke leven. In een eerdere post schreef ik al eens: ‘veel en regelmatig uit de Bijbel lezen is cruciaal om een leven te leiden waarmee God geëerd wordt.’ In mijn omgeving kom ik het echter nog wel eens tegen dat mensen moeite hebben om tijd en gelegenheid te vinden (of te maken) om Bijbel te lezen. De wil is er meestal wel, maar de discipline ontbreekt. Zo’n rooster kan je daar geweldig bij helpen. Het mooie van dit rooster is dat er per maand een aantal inhaaldagen zijn. Dus als je eens een dagje moet overslaan, dan loop je niet meteen achterop.

Uit ervaring kan ik zeggen: absoluut meedoen! Het is even wennen, het vergt oefening, maar je krijgt er veel voor terug. Zelf volg ik sinds 1 januari een rooster waarmee je de hele Bijbel in één jaar uitleest. Dat is best pittig, maar ik heb nu - na 3 maanden - ongeveer een kwart van de Bijbel gelezen. Voorheen las ik ook wel in de Bijbel, maar minder structureel. Nu kom ik ook in die gedeelten die ik anders niet zo direct zou kiezen, zoals Leviticus en Numeri, en ontdek en leer ik prachtige dingen. Het verdiept mijn relatie met Christus en dat is uiteindelijk weer tot zijn eer!

Hoe kun je sinaasappelsap drinken tot eer van God?

1 april 2008 - No Responses

sinaasappelsap.jpgJohn Piper heeft mij geleerd dat je héle leven een leven tot eer van God behoort te zijn. Paulus schrijft in 1 Kor. 10:31: ‘Of u dus eet of drinkt, of wat dan ook doet, doe alles tot eer van God.’ Als je dat eens goed op je in laat werken, dan beslaat dat dus écht héél je leven! Bij God eren denken we vaak aan bijzondere, vooral religieuze, dingen. God loven, prijzen en aanbidden met zang en gebed, iemand helpen of eens bezoeken, misschien een gift overmaken. Maar God wel of niet eren heeft ook alles te maken met welke auto je koopt, waar je naartoe op vakantie gaat, hoe je aan sport doet, of hoe je sinaasappelsap drinkt. John Piper heeft daar eens een artikel geschreven onder de titel ‘How to drink orange juice to the glory of God’ (Hoe kun je sinaasappelsap drinken tot eer van God).

Hoe doe je dat dan? Sinaasappelsap drinken tot eer van God? John Piper wijst op 1 Tim. 4:3-5: ‘[Sommigen] verwerpen het huwelijk en het gebruik van bepaalde spijzen, ofschoon God die heeft geschapen om onder dankzegging gebruikt te worden door de gelovigen, die de waarheid erkend hebben. Want al wat God geschapen heeft is goed, en niets is verwerpelijk dat onder dank wordt aanvaard: het wordt geheiligd door het woord van God en het gebed.’

Ook sinaasappelsap is door God ‘geschapen om onder dankzegging gebruikt te worden door de gelovigen, die de waarheid erkend hebben.’ Ook sinaasappelsap wordt geheiligd ‘door het woord van God en het gebed’. Het woord van God leert ons dat de sap, ja zelfs onze kracht om het te drinken, vrije gaven van God zijn (1 Kor. 4:7;1 Petr. 4:11). En gebed is ons nederig antwoord van dank aan God. Deze waarheid van God in zijn woord geloven en Hem in gebed te danken voor sinaasappelsap is dus tot eer van God.

Belangrijk is dus dat je bewust wordt van het feit dat je dit soort kleine, alledaagse dingen kunt doen tot eer van God. Het helpt mij om het tegen mezelf te zeggen als ik iets concreets doe. Bijv. op dit moment terwijl ik dit intik, zeg ik tegen mezelf: ‘Het zijn gaven van God aan mij dat ik in staat ben om zo’n artikeltje te maken, dat ik een computer heb, dat ik een blog heb, engels kan lezen en vertalen.’ En op het moment dat ik dit bedenk, kan ik niet anders dan God danken. Alle eer aan God!

Aangehaalde teksten geciteerd uit de Willibrordvertaling 1995

Ps. John Piper heeft in een radio-uitzending van DesiringGod Radio ook uitgelegd hoe je God kunt eren door sport. Je kunt dit online beluisteren, maar ook lezen. Zie ‘How do you glorify God through exercise?’.

Oorlogstijd

30 maart 2008 - No Responses

vreugdevangod.jpg“Duizenden christenen horen niets van de duivelse bommen die vallen en van de kogels die hun om de oren fluiten. Ze ruiken niets van de helse napalm die wordt uitgegooid over de witte wereldoogst. Ze krimpen niet ineen en huilen niet om de duizenden mensen die wekelijks te gronde gaan. Zij houden geen rekening met kwade geestelijke machten in de hemelse gewesten en met de wereldbeheersers van deze duisternis. Er is helemaal geen duisternis, zeggen zij. Het is stralend licht, een en al vrolijkheid - kijk maar naar mijn huis, mijn auto, mijn werk, mijn caravan en mijn boot. Luister maar naar mijn nieuwe stereo-installatie en kijk maar naar mijn nieuwe dvd-speler.”

John Piper in De vreugde van God, blz. 227.

Waarom moest Jezus sterven?

17 maart 2008 - No Responses

waarom_moest_jezus_sterven.jpgIn deze tijd, zo in de week van Goede Vrijdag, wil ik me specifiek richten op het lijden en sterven van Jezus, en probeer ik er bij stil te staan wat er daar, op Golgotha, een kleine 2000 jaar geleden, is gebeurd. Wat heeft de dood van Jezus Christus voor ons bewerkt?

Het boekje Waarom moest Jezus sterven? van John Piper is daarbij een mooi hulpmiddel. Hij heeft daarin 50 redenen, of beter gezegd: bedoelingen, van het lijden en sterven op een rijtje gezet. (Als je het engels machtig bent, dan kun je dit boekje hier gratis lezen.) Hieronder de eerste reden die John Piper beschrijft:

Christus leed en stierf…
om de toorn van God op zich te nemen

Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek van de wet door voor ons een vloek te worden, want er staat geschreven: Vervloekt is ieder die aan een hout hangt
Galaten 3:13

Hem heeft God openlijk aangewezen als middel tot verzoening, door het geloof in Zijn bloed. Dit was om Zijn gerechtigheid te bewijzen met het oog op de vergeving van de zonden die tevoren hadden plaatsgevonden onder de verdraagzaamheid van God.
Romeinen 3:25

Hierin is de liefde, niet dat wij God lief hebben gekregen, maar dat Hij ons liefhad en Zijn Zoon zond als verzoening voor onze zonden.
1 Johannes 4:10

Als God niet rechtvaardig was, zou het lijden en sterven geen vereiste zijn geweest voor Zijn Zoon. En als God niet liefdevol was, zou Zijn Zoon niet de bereidheid hebben gehad om te lijden en te sterven. Maar God is zowel rechtvaardig als liefdevol. Daarom is Zijn liefde bereid te voldoen aan de eisen van Zijn rechtvaardigheid.

Gods wet eist: ‘Daarom moet u de HEERE, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met al uw kracht’ (Deut. 6.5). Maar wij houden allemaal meer van andere dingen. Dat is dus zonde: God onteren door niet Hem op de eerste plaats te laten komen in ons leven, maar andere dingen en dat we daar ook naar handelen. Daarom staat er in de Bijbel: ‘Want allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God’ (Rom. 3:23). Wij verheerlijken datgene waarvan we het meest genieten. En dat is niet God.

Zonde is niet iets onbeduidends, omdat we niet zondigen tegen een onbeduidende Koning. Hoe hoger de status van de beledigde persoon, des te ernstiger de belediging. Het is beneden Zijn waardigheid wanneer we de Schepper van hemel en aarde niet oneindig veel respect, bewondering en trouw tonen. Wie Hem niet liefheeft, maakt zich niet schuldig aan een onbeduidend vergrijp, maar aan verraad. God wordt erdoor te schande gemaakt en menselijk geluk wordt erdoor kapotgemaakt.

Omdat God rechtvaardig is, kan Hij deze zonden niet bedekken met de mantel der liefde. Ze wekken bij Hem een heilige toorn op. Ze moeten bestraft worden. ‘Want het loon van de zonde is de dood’ (Rom. 6:23). ‘De ziel, die zondigt, die zal sterven’ (Ezech. 18:4).

Er rust een heilige vloek op alle zonden. Die niet bestraffen, zou onrechtvaardig zijn. De vernedering van God zou erdoor onderstreept worden. De wereld zou dan in wezen geregeerd worden door een leugen. Daarom zegt God: ‘Vervloekt is wie de woorden van deze wet niet bevestigt door ze ook te doen!’ (Gal. 3:10; Deut. 27:26).

Maar de liefde van God berust niet in de vloek die alle zondige mensen boven het hoofd hangt. Het schenkt Hem geen voldoening blijk te geven van zijn toorn, hoe heilig die ook is. God stuurt Zijn eigen Zoon om Zijn toorn weg te nemen en de vloek te dragen voor iedereen die zijn vertrouwen stelt op Hem. ‘Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek van de wet door voor ons een vloek te worden’ (Gal. 3:13).

Het woord ‘verzoening’ (Rom. 3:25) verwijst naar het wegnemen van Gods toorn door er iets anders voor in de plaats te stellen. God voorzag daar Zelf in door Jezus Christus te zenden als plaatsvervanger. Christus haalt niet slechts een streep door de toorn; Hij laat die op Zichzelf neerkomen in plaats van op ons. Gods toorn is rechtvaardig; ze werd uitgegoten, niet weggenomen.

Laten we ons ervoor hoeden dat we God niet serieus nemen of Zijn liefde bagatelliseren. We raken pas diep onder de indruk van Gods liefde voor ons als we ons rekenschap geven van de ernst van onze zonden en de rechtvaardigheid van Zijn toorn. Daar staat tegenover dat, wanneer we uit genade beseffen hoe onwaardig we zijn, we dankzij het lijden van Jezus kunnen zeggen: ‘Hierin is de liefde, niet dat wij God lief hebben gekregen, maar dat Hij ons liefhad en Zijn Zoon zond als verzoening voor onze zonden’ (1 Joh. 4:10).

John Piper, Waarom moest Jezus sterven?, blz. 23-25.

Niet bidden om bekering van joden?

8 maart 2008 - No Responses

MenoraIn het ND van vandaag staat op de opiniepagina een artikel met de titel ‘Niet weer bidden om bekering joden‘ van de hand van Marcel Poorthuis, docent master wereldreligies aan de Faculteit Katholieke Theologie van de Universiteit van Tilburg. Het ND geeft kort weer wat Marcel Poorthuis wil zeggen: “Paus Benedictus XVI heeft recentelijk het vieren van de oude liturgie van vóór 1960 toegestaan. Daardoor bidt de Rooms-Katholieke Kerk op Goede Vrijdag weer voor de bekering van de joden. En dat is ontoelaatbaar, vindt theoloog Marcel Poorthuis.”

Toen ik de kop las, dacht ik: ‘Niét bidden om bekering van de joden? Juist wel!’ Ik wilde graag weten op welke gronden de schrijver tot zijn stelling komt. Hij baseert zich onder andere op een uitspraak die curiekardinaal Walter Kasper in 2001 deed:

“Missie in de betekenis van zich afwenden van afgoden tot de ene ware God kan niet gebruikt worden in relatie tot het jodendom”, aldus de kardinaal. Vandaar dat de Rooms-Katholieke Kerk geen bekeringsactiviteiten ten aanzien van het jodendom onderneemt.

Even later geeft Marcel Poorthuis ook een interpretatie van Romeinen 11:26:

Volgens Paulus zal ‘heel Israël’ gered worden, maar pas nadat alle heidenen in de gemeente van Christus zijn ingegaan (Romeinen 11:26). Is dat dan pas urgent als heel de wereld christen is geworden? Zo ja, dan is het géén oproep tot bekering van de joden.

Als ik deze dingen lees, dan schrik ik. Wat Walter Kasper zegt lijkt op het eerste gezicht wel waar, maar er valt meer te zeggen. Want wat zijn afgoden? Zaken waar je je vertrouwen op stelt. En hoe wil de ene ware God gekend worden? Ik zou willen zeggen: Bekering is je afwenden van het duister naar het licht. En het licht van de ene ware God is ‘de glans … van het evangelie van de heerlijkheid van Christus, die het beeld van God is’ (2 Kor. 4:4 ). Zo openbaart God zich. Zo laat Hij zijn licht schijnen. Een paar verzen eerder schrijft Paulus juist over Joden bij wie ‘er een sluier over hun hart’ ligt. Die sluier wordt verwijdert ‘als iemand zich bekeert tot de Heer’ (2 Kor. 3:15-16).

En als je Romeinen 11:26 zo wil interpreteren dat heel het Joodse volk gered zal worden nádat alle heidenen in de gemeente van Christus zijn ingegaan, dan wil dat nog niet zeggen dat je nú niet voor ze hoeft te bidden.

Verder lees ik bij Paulus hoezeer hij begaan was met het Joodse volk, zijn broeders, zijn lijfelijke verwanten. In Romeinen 9 schrijft hij bijvoorbeeld: ‘in mijn hart is grote droefheid en een pijn die niet ophoudt. Waarlijk, ik zou wensen zelf vervloekt en van Christus gescheiden te zijn, als ik mijn broeders, mijn lijfelijke verwanten, daarmee kon helpen’ (vers 2-3). In vers 31-32 laat Paulus zien wat de kern van het probleem is: ‘Israël, met al zijn ijver voor de wet van de gerechtigheid, heeft het doel van de wet niet bereikt. En waarom? Omdat zij meenden te kunnen steunen op hun daden, en niet op het geloof.’ Bekering is dus: niet langer steunen op je eigen daden (die, als je dat wel doet, een afgod worden) en geloven in God, je vertrouwen op Hém stellen.

Tot slot wijs ik op Romeinen 10:1-4:

Broeders en zusters, het is mijn vurige wens en ik bid tot God dat zij gered worden. Ik getuig dat zij godsdienstige ijver hebben, maar het is ijver zonder inzicht. Met hun miskenning van Gods gerechtigheid en hun pogen een eigen gerechtigheid op te richten, hebben zij zich niet aan de gerechtigheid van God onderworpen. Want Christus is het doel van de wet tot gerechtigheid voor ieder die gelooft.

Niet bidden? Paulus deed het! En dat impliceert bekering. Bekering van de afgod van de eigen gerechtigheid, naar Christus toe, ‘die van Godswege onze wijsheid is geworden, onze gerechtigheid, onze heiliging en verlossing.’ (1 Kor. 1:30). Als Paulus bad, wie ben ik dan om dat niet te doen?

Aangehaalde teksten geciteerd uit de Willibrordvertaling 1995

Job

20 februari 2008 - No Responses

The misery of Job and the mercy of GodThe Misery of Job and the Mercy of God (De ellende van Job en de genade van God) van John Piper is in meerdere opzichten een bijzonder boek. In de eerste plaats omdat het een vertelling is van het verhaal van Job uit de Bijbel in dichtvorm. Daarnaast wordt er een luister-CD bijgeleverd waarop John Piper de gedichten voorleest. En tenslotte is het boek erg fraai met prachtige kleurenfoto’s uitgevoerd. En het mooiste is: je kunt het boek ook online lezen en beluisteren.

Gisteren heb ik naar dit boek geluisterd en tegelijkertijd heb ik het meegelezen. Ik was diep onder de indruk. Het voor mij bekende verhaal over Job komt zo toch wel heel dichtbij. Vooral het slot vond ik verrassend. Om een indruk te geven, hieronder de eerste alinea van het eerste gedicht:

The sky above the land of Uz
Could change the way the ocean does
In moments, with a boding wind,
As though the blue of day had sinned,
And brought the blood of some great saint
Upon the darkening east – the taint
Of some Leviathan, up-swirled
Beneath the waters of the world,
Or worse, poured down like thick’ning gore
From some great struggle in the war
Of heav’n.
John Piper, The Misery of Job and the Mercy of God, blz. 13